Posts tonen met het label Wat ik u afvraag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Wat ik u afvraag. Alle posts tonen

dinsdag 19 augustus 2014

Groetjes

Langs deze weg zou ik mensen die mij groetjes mailen willen vragen om erbij te schrijven aan wie ik ze mag overbrengen. In afwachting breng ik ze over aan het lijk van mijn grootmoeder.

vrijdag 7 februari 2014

Kapot


Geachte,

Mei 2005 werd de illegale arbeider Basile Caisin na een werkongeval voor dood achtergelaten nabij de E40 in Aalst. Deze man werd opgenomen in uw ziekenhuis en verzorgd door een verpleegster die hem deodorant en oude kleren van haar zoon schonk. Haar collega's zeiden dat ze dat niet moest doen, want anders werd er van hen misschien ook meer verwacht. Deze verpleegster van wie je als patiënt hoopt dat je in haar handen terechtkomt, heeft zich na 15 jaar dienst afgewerkt tot medisch archivaresse. Omdat ze als enige van haar afdeling haar nek uitstak en bij u haar beklag deed over haar hoofdverpleegster. Aldus sprak zij uit wat iedereen die met deze vrouw te maken krijgt denkt. U kent deze hoofdverpleegster als die verziekende vrouw voldoende verdiepingen onder u, maar ik laat haar nog even bovenkomen.
     Hier is een gefrustreerde lesbienne die iedereen meesleurt in de worsteling met haar geaardheid.
     Hier is een vrouw die al zo vaak van afdeling verplaatst is wegens verpesting dat men in de ziekenhuisbibliotheek overweegt alvast alle boeken te verbranden, behalve die van Saskia De Coster.
     Hier is een vrouw die systematisch studenten kleineert, vaak tot tranen toe, en aldus het tekort aan personeel in de zorgsector opvult zoals een spuitbus het gat in de ozonlaag opvult.
     Hier is een vrouw die fouten maakt en ermee wegkomt omdat ze vast benoemd is.
     En hier kom ik bij u. Wat doet u in plaats van het probleem te verwijderen? U verwijdert de aanklaagster van het probleem, een werkkracht die meer doet dan waarvoor ze betaald wordt, en degradeert haar tot kopiiste en postzegelplakster.
     Maar, waar zijn mijn manieren, laat ik mijzelf even voorstellen. Ik ben briefschrijver en veroordeeld tot een gevangenisstraf met uitstel wegens briefschrijverij. Ik mag nu drie jaar geen brieven meer schrijven. Om toch zo dicht mogelijk bij de epistolografie te blijven ben ik beginnen werken bij de post. Ik moet de gele briefkaarten sorteren volgens kleur. Aan 't eind van de dag ben je kapot.

TF

donderdag 19 december 2013

Het zinloze geloei der brandsirenes

Toen iemand mij laatst een proeve van zijn werk ter beoordeling voorlegde, kwam het mij voor dat ik mild geworden was. Gelukkig bleek ik gewoon een goed dagje te hebben.
     Uit de oude doos: een brief aan Cristian Pielich, een soort cabaretier. Ik leerde Pielich kennen tijdens een comedywedstrijd waar we allebei aan deelnamen. Geen van ons beiden won. Blijkbaar denken sommige mensen dat samen verliezen een blijvende band schept.

Beste Cristian,

Gefeliciteerd met je roman. Ik heb het fragment dat je me mailde gelezen en ik stond inderdaad, zoals je voorspeld had, versteld.
     Ik was op zoek naar een wc om mij te verschuilen. De coupés waren leeg en verlaten. Pas na de twaalfde coupé trof ik een toilet aan. Deze was op slot.
     Ik stond al versteld na de tweede zin. De coupés waren niet alleen leeg, ze waren ook verlaten. Gelukkig dat je dat erbij zegt, anders zou ik mij als lezer afvragen: oké, die coupés waren leeg, maar zat er niet ergens toch nog iemand die het vertikte om de coupé te verlaten? Een man met gekruiste armen die sprak: 'Ik heb een abonnement, ze gaan mij naar buiten moeten dragen.'
     Pas na de twaalfde coupé trof ik een toilet aan. Niet meteen een trein voor mensen die naar het toilet moeten. Deze was op slot. Toilet is onzijdig, het moet dus 'Dit was op slot' zijn. Wellicht had je eerst 'wc' geschreven en zag je dan dat er in de eerste zin ook al 'wc' stond.
     Verderop schrijf je: Na een korte aanloop, beukte ik de toiletdeur open en belandde ik in de ballenbak van McDonald's.
     Hier stond ik zodanig versteld dat ik even terug moest in de tekst. De korte aanloop vindt wel degelijk plaats in de trein. Achter de toiletdeur beland je in de ballenbak van McDonald's. Dan trek je als lezer je veiligheidsgordel aan, want je weet: nu volgt duizelingwekkend proza.
     'Hij moet hier ergens zijn,' hoorde ik een donkere stem verderop zeggen. Ik verstopte mijn lichaam dieper onder de ballen. De knie van een jongetje dreunde tegen mijn voorhoofd. Met moeite smoorde ik mijn pijnkreet en hoorde ik hoe het knulletje overmand werd door een huilbui. Ik overwoog om de kleuter onder het oppervlak te trekken en zijn mond af te dekken, maar ik bedacht me wat voor traumatische gevolgen dit zou kunnen hebben voor de rest van zijn leven.
     Het is goed dat je rekening houdt met traumatische gevolgen voor kinderen. We kunnen dus aannemen dat je roman geschreven is voor volwassenen.
     Aan het eind van het fragment blijkt natuurlijk dat het allemaal een droom was: Plots hoorde ik brandsirenes. Ik ontwaakte.
     Als een normale redacteur dit fragment had gelezen zou je in het beste geval een standaardafwijsbrief hebben gekregen. Op de website van je uitgeverij las ik dat ze daar niet gek zijn op afwijzen. Ik kan daar het positieve van inzien, mits ik denk aan de afgewezen kunstschilder Adolf Hitler.
     Je proeflezers lazen je boek in één adem uit, zeg je. Kan dat zijn omdat ze vreesden dat de minste zucht het vuurtje in jou zou doven?

TF

vrijdag 1 november 2013

Sinterklaas


Beste B.,

Ik begrijp dat jij en je vrouw graag zouden hebben dat het zin heeft om mee te doen aan het sinterklaasfeest. Maar een zinvol sinterklaasfeest is zoals een zinvol tv-programma met het woord ‘junior’ in de titel. Het bestaat niet.
Volledig aan die man ontsnappen kun je inderdaad niet. Ik raad je aan met je zoon naar een sinterklaastreffen te gaan en te zeggen: ‘Zoon, klim op die man zijn schoot, trek zachtjes aan zijn baard en als hij vraagt wat jij wil van Sinterklaas, antwoord dan: “Dat Sinterklaas een maîtresse neemt.”’

TF 

zondag 27 oktober 2013

Gevoelens


Beste E.,
 
Bedankt voor je mail. De lengte en het onderwerp ‘Gevoelens’ deden me denken: o nee, niet weer een groupie. Maar het onderwerp bleek je beroep te zijn.
 
Je schrijft: ‘Gevoelens hebben elkaar nodig om te kunnen bestaan. Als je aan een elektricien vraagt, wat is nu de beste pool? Pos of neg? Zal hij antwoorden: geen van beide; ik heb ze allebei nodig om het licht te maken. Zo hebben wij de beide polen nodig om het leven te maken.’
 
Aan een elektricien heb ik nog nooit iets gevraagd. Licht is nodig, maar ik voel mij meer op mijn gemak in duisternis. En het is niet omdat je naar duisternis reikhalst, dat even later de strop klaar hangt. Duisternis kan aangenaam zijn omdat je erin kunt verdwijnen. Het leven is goed als je niet deelneemt gaat daar ook over. Even helemaal weg, zoals Center Parcs maar dan echt. Daarom ga ik ’s nachts graag wandelen langs de velden achter het gebouw waarin ik dit schrijf, het liefst als er mist over de velden hangt. Daarom ook komen vijf vrienden op tijd en stond samen op wat we Meelekes-avond noemen. Vijf mannen die zich Fong Betong en de Meelekes noemen – we zijn van Aalst – waarbij Fong Betong de zesde man is, die er nooit bij kan zijn, voornamelijk omdat hij niet bestaat. Maar hij klinkt goed in combinatie met de Meelekes. Op zulke avonden kunnen wij oeverloos bullshitten en ernstige gesprekken over leven en werk en gevoelens voeren en weer bullshitten. Die avonden dragen bij om opnieuw de best mogelijke man, vader, werker, deelnemer aan het leven te kunnen zijn. Sinds we onszelf de Meelekes hebben genoemd zijn wij nog hechtere vrienden geworden. Elke mens zou zijn Meelekes moeten hebben.
 
In de volgende alinea schrijf je: ‘Het ene gevoel verlangt naar het andere en omgekeerd. Als alles goed gaat in je leven, dan verlang je naar spanning, problemen (kruiswoordraadsels), projecten, uitdaging. En omgekeerd.’
 
Als alles goed gaat in mijn leven – het is weleens gebeurd, het was op een donderdag – dan verlang ik niet per se naar kruiswoordraadsels. Omgekeerd zeg jij dat als je kruiswoordraadsels hebt, je verlangt dat alles goed gaat in je leven. Je weet dat er puzzelhandboeken bestaan?
 
Sluiten spanning, projecten en uitdaging trouwens een goed leven uit?
 
'Het toppunt van ontspanning, is mogen gespannen zijn.
Het toppunt van geluk, is mogen ongelukkig zijn.
En ga zo maar verder…’

Bedankt dat ik zo mag verdergaan, maar ik heb mijn eigen ideeën van toppunten.

‘Als iets moeilijk is hebben we de neiging om te verkrampen met onze ademhaling, om onze ademhaling in te houden terwijl we koortsachtig op zoek gaan naar oplossingen om dan, als alles ok is, te ontspannen en uit te ademen, ahhhh... Terwijl het juist de kunst is om, wanneer het moeilijk is, naar de volheid van je ademhaling te gaan, maar toch ontspannen te blijven. Dit is een simpele techniek die aan bod komt in de workshop. Ontspannen ademhalen, alsof je aan een bloem ruikt.’

Ik hoop voor jou dat er een publiek bestaat dat er baat bij heeft, maar het beeld van mensen die in workshopverband ademhalen alsof ze aan een bloem ruiken, ontspant mij zoals een splinter onder mijn vingernagel. Philippe Geubels heeft een periode rondgelopen met een elastiekje rond zijn pols. Op momenten van zenuwen of angst liet hij dat elastiekje tegen zijn polsader schieten. Hij zei me dat dat hielp. Ik weet niet of er een verband is tussen dat elastiekje en het feit dat hij volgend jaar in een ongetwijfeld vol Carré optreedt, maar misschien is een doosje elastiekjes een idee voor als de workshop niet aanslaat?

TF

zondag 29 september 2013

De geur van dobbelstenen


Beste Maggie De Block,

Tijdens een korte middagslaap droomde ik dat ik via het programma 1000 zonnen een driedaagse wandeltocht door uw schaamhaar had gewonnen. Ik kreeg de tickets omdat ik als eerste in de stoel zat met een bazooka. Ik mocht iemand meenemen, maar iedereen weigerde het ticket. Dus ik alleen het bos in. Het rook er naar van die dingen die sommige mensen aan hun achteruitkijkspiegel hangen. Dobbelstenen. Ik begon te wandelen en via via kwam ik een man tegen die stilletjes zat te treuren onder een boom. Omdat ik zijn naam niet kende, zei ik: ‘Dag man.’ Hij schrok op, stond op en stak zijn handen op. Hij zag eruit als een man die het Nederlands beheerste maar op was. ‘Ik ben ongewapend,’ sprak de man. ‘Dan kunnen we samen een club oprichten,’ antwoordde ik, ‘want ik ben ook ongewapend.’ Nog steeds met zijn handen omhoog wees de man naar mijn schouder. Ik keek naar mijn schouder en daarop rustte mijn bazooka. Ik wierp het wapen weg, gaf de man een hand en zei: ‘Kom, we gaan iets drinken.’ ‘Liever niet,’ wierp de man tegen, ‘de enige herberg in dit bos is een witverliesbar.’ Ik keek in zijn droeve ogen en deze herbergden inderdaad geen wit maar bloed. ‘Dan gaan we naar café Vredeplein in Aalst,’ zei ik. Samen liepen we uw schaamhaar uit en algauw zaten wij lachend boven een witte van Hoegaarden. Ons bloed zat waar het moest zitten.

TF

donderdag 26 september 2013

Fictie

Beste Frans Vancoppenolle,
 
Uw onderlip zag er pijnlijk uit gisteren in Reyers Laat. Is zij geschonden omdat u er al zeven jaar op bijt?
     U wilt dat de VRT zich verontschuldigt voor het woord ‘hoer’ in de fictieserie Albert II. Het woord ‘hoer’ slaat op uw echtgenote Iris, een adembenemende vrouw die ooit in één adem met prins Laurent werd genoemd.
     Zoals veel mensen heb ik uw echtgenote leren kennen in een tv-programma waarin zij middels haar lichaam hoofden op hol bracht. Ik was niet bij de opnames aanwezig, dus ik kan niet zeggen dat uw echtgenote werkelijk haar broek afstak. Laten we zeggen dat zij fictief haar broek afstak.
     De VRT moet zich verontschuldigen voor Albert II, dat klopt. Niet vanwege het woord ‘hoer’, wel vanwege het woord ‘prestigieus’ in de omschrijving van de serie.
     Is het u werkelijk om verontschuldigingen te doen? Bent u niet gewoon een pooier die wanhopig op zoek is naar schijnwerpers voor een iris die al heel lang geen licht heeft gezien?
     Ik wens u een spoedig herstel van uw onderlip.
 
TF